De zitbuishoek is de bepalende factor voor de positie van het
zadel, de zogenaamde "zadelterugstand".

ZITBUISHOEK
De zadelterugstand komt volgens Gonzales en Hull (1989) in de
volgorde van belangrijkheid voor de efficiëntie op de derde
plaats. Net als de cranklengte is de zitbuishoek eveneens een
factor die gedurende het fietsen niet meer gewijzigd kan worden.
Omdat de zitbuishoek van invloed is op de efficiëntie, is het
van belang de optimale zitbuishoek te bepalen bij de aanschaf
van de fiets. Dit is de hoek die gevormd wordt door de zitbuis
en een denkbeeldige horizontale lijn.
Het opvallendste voorbeeld van een gewijzigde zitbuishoek is
waarschijnlijk de zogenaamde Amerikaanse triatlonpositie. Hier
neigt de hoek naar 90°, terwijl de standaard framehoek zich
bevindt tussen 72 en 75°. De triatleten beweren dat ze in deze
positie comfortabeler zitten, efficiënter kunnen rijden, meer
kracht kunnen leveren en de wissel van fietsen naar lopen zou
"natuurlijker" zijn. Harde bewijzen hiervoor zijn voorlopig
nog niet gevonden.
Wat wel opvalt is dat renners afhankelijk van het parcours anders
op hun zadel zitten. Bij een afdaling zitten ze achteraan op
hun zadel en tijdens een beklimming schuiven ze enigermate naar
voren. Dit laat vermoeden dat het veranderen van de positie
op het zadel een mechanisch of metabolisch voordeel heeft.
Hoe is de optimale zitbuishoek te bepalen? Wanneer het zadel
op de juiste hoogte staat en het pedaal en de crank in horizontale
positie staan, dan moet de loodlijn vanaf de knieschijf door
de as van het pedaal gaan. Onderzoek heeft uitgewezen dat wanneer
deze loodlijn ongeveer 2 cm achter de knieschijf zit, de zit
op het zadel aan stabiliteit windt.
Een meting van de zitbuishoek met alleen een meting van de bovenbeenlengte
is onvoldoende. Het is belangrijk dat de meting van de zitbuishoek
wordt uitgevoerd terwijl de renner op zijn fiets zit. De plaats
waar men op het zadel gaat zitten is strikt individueel want
deze wordt namelijk beïnvloed door de breedte van het bekken
en de vorm van het zadel. Deze zit op het zadel bepaalt waar
de knie zich bevindt tijdens de bewegingsafloop en is dus van
invloed op de zitbuishoek.
De standaard-zitbuishoek-geometrie, waarbij grote frames met
een kleine zitbuishoek (72°) en de kleine frames met een grote
zitbuishoek (75°) worden uitgerust, gaat van de vooronderstelling
uit dat mensen met lange benen naar verhouding langere bovenbenen
hebben dan personen met kortere benen. De volgende tabellen
tonen aan dat deze vooronderstelling niet juist is. De tabel
geeft de verhouding beenlengte/bovenbeen weer gemeten bij studenten
van de Technische Universiteit Delft. Molenbroek 1994. Hieruit
blijkt duidelijk dat de procentuele verhouding beenlengte/bovenbeen
niet verschilt tussen personen met lange benen en personen met
korte benen.
| 265 mannelijke studenten | P5 | % | P95 | % |
| Totale beenlengte | 101.2 | 100 | 118,4 | 100 |
| Bovenbeenlengte | 58.6 | 57,91 | 67,8 | 57,26 |
| 89 vrouwelijke studenten | P5 | % | P95 | % |
| Totale beenlengte | 95.8 | 100 | 111 | 100 |
| Bovenbeenlengte | 56.1 | 58,6 | 65 | 58,6 |
De volgende tabel geeft de zitbuishoekmeting weer van 1028 personen
volgens het bikefitting.com meetsysteem. Hiervan waren 39 mannen
met een binnenbeenlengte kleiner dan 800mm en 39 met een binnenbeenlengte
groter dan 960mm. In deze groep waren 4 vrouwen met een binnenbeenlengte
kleiner 700 mm en 6 met een binnenbeenlengte groter dan 860mm.
Globaal gesproken komt dit met de categorieën P5 en P95 van
bovenstaande tabel overeen.
| 974 mannelijke fietsers | 39 < 800 | 38 > 960 |
| Gemiddelde zitbuishoek eigen fiets | 74.9 | 73.8 |
| Gemiddelde optimale zitbuishoek | 73.6 | 73.5 |
| 65 vrouwelijke fietsers | 4 < 700 | 6 > 860 |
| Gemiddelde zitbuishoek eigen fiets | 74.6 | 73.5 |
| Gemiddelde optimale zitbuishoek | 73.5 | 73.5 |
Onderstaande toont de standaard zitbuishoek bij verschillende
framehoogtes van een viertal frameconstructeurs die (nog steeds?)
uitgaan van bovenvermelde verkeerde vooronderstelling.
| Framemaat | Colnago | Merckx | Pinarello | Cannondale | Gemiddeld |
| 48 | 75.5 | 76.3 | 74.5 | 75.0 | 75.3 |
| 50 | 75.2 | 76.6 | 74.5 | 74.5 | 75.2 |
| 52 | 74.4 | 75.0 | 74.0 | 74.0 | 74.4 |
| 54 | 74.3 | 74.4 | 73.8 | 74.0 | 74.1 |
| 56 | 73.6 | 74.0 | 73.5 | 73.5 | 73.7 |
| 60 | 73.2 | 73.0 | 73.0 | 73.5 | 73.1 |
| 62 | 73.4 | 72.8 | 73.0 | 73.0 | 73.1 |